Orde van dienst voor zondag 26 september 2021 Gezamenlijke dienst Hervormde en Gereformeerde kerk.

Voorganger:  Ds. H.J. Prosman
Organist:        Dhr. J.W. Hueting
Ouderling:      Dhr. R. Verhallen
Diaken:          Dhr. J. Kalshoven

De diensten zijn te volgen via kerkdienst-gemist
https://kerkdienstgemist.nl/stations/2491-Nieuwkoop-HG

Orgelspel Welkom en mededelingen

Psalm 121: 1,2

Stilte – Bemoediging en groet

Psalm 121: 3,4

Smeekgebed

Glorialied 870:1,2,3,7,8

Gebed voor de opening van de schriften

Schriftlezing Daniël 10:1-21

De eindtijd
10: 1 In het derde jaar van koning Cyrus van Perzië werd aan Daniël, die Beltesassar werd genoemd, een boodschap geopenbaard. Het was een betrouwbaar bericht over een grote strijd. Door een visioen begreep hij het bericht. 2 In die dagen was ik, Daniël, drie volle weken in de rouw. 3Smakelijk voedsel at ik niet, vlees en wijn kwamen niet in mijn mond, en ik wreef mij niet in met olie tot er drie weken verstreken waren. 4Op de vierentwintigste dag van de eerste maand, toen ik mij aan de oever van de grote rivier de Tigris bevond, 5 sloeg ik mijn ogen op en zag een man, gekleed in linnen, met om zijn lendenen een gordel gemaakt van goud uit Ufaz. 6 Zijn lichaam was als turkoois, zijn gezicht leek een bliksem en zijn ogen waren als fakkels van vuur. Zijn armen en voeten glansden als gepolijst koper en zijn stemgeluid leek door een mensenmenigte te worden voortgebracht. 7 Alleen ik, Daniël, zag de verschijning. De mannen in mijn gezelschap zagen de verschijning niet, maar werden wel bevangen door een grote angst, zodat zij wegvluchtten en zich verborgen 8 en ik alleen overbleef. Toen ik die indrukwekkende verschijning zag, verloor ik al mijn kracht; ik werd lijkbleek en was niet in staat nog iets te doen. 9 Ik hoorde zijn stem, maar zodra ik die hoorde verloor ik het bewustzijn en viel voorover op de grond. 10 Toen raakte een hand mij aan en deed me al bevend op handen en knieën steunen. 11 Hij zei tegen me: ‘Daniël, geliefde man, luister naar de woorden die ik tot je spreek en sta op, want ik ben naar je toe gestuurd.’ Nadat hij dit gezegd had, stond ik bevend op. 12 Toen zei hij: ‘Wees niet bang, Daniël, want vanaf de eerste dag dat je inzicht probeerde te verkrijgen door in deemoed te buigen voor je God, is je gebed verhoord, en daarom ben ik gekomen. 13 Maar de vorst van het Perzische koninkrijk heeft mij eenentwintig dagen tegengehouden voordat Michaël, een van de voornaamste vorsten, mij te hulp schoot toen ik daar, bij de koningen van Perzië, zo alleen stond. 14 Ik ben gekomen om je inzicht te geven in wat er aan het einde van de tijd met je volk zal gebeuren; want dit is opnieuw een visioen dat over de toekomst gaat.’ 15 Terwijl hij zo tegen me sprak, hield ik mijn ogen op de grond gericht en was verstomd. 16 Toen raakte de menselijke gedaante mijn lippen aan. Ik opende mijn mond en begon te spreken. Ik zei tegen degene die voor me stond: ‘Mijn heer, door het visioen verkrampt mijn lichaam, mijn kracht verlaat me. 17 Hoe kan ik, uw dienaar, met u spreken? Ik heb helemaal geen kracht meer, er rest mij geen levensadem.’ 18 Toen raakte hij, die eruitzag als een mens, mij nogmaals aan en schonk me kracht. 19 Hij zei: ‘Wees niet bang, geliefde man, vrede zij met je, wees sterk, wees sterk!’ En doordat hij tegen me sprak, werd ik gesterkt, en ik zei: ‘Mijn heer, spreek, u hebt mij gesterkt.’ 20 Toen zei hij: ‘Weet je waarom ik naar je toe gekomen ben? Ik moet spoedig terugkeren om tegen de vorst van Perzië te strijden, en zodra ik hem overwonnen heb, wacht mij de vorst van Griekenland. 21 Maar eerst zal ik je zeggen wat er in het geschrift van de waarheid geschreven staat. Niemand steunt mij in mijn strijd tegen deze vorsten, behalve je vorst Michaël.

Lied 655: 1,2,3,4,5

Preek

Zingen: “Een zal op de grote morgen” (Bundel Joh. de Heer)*

Eens zal op de grote morgen
klinken het bazuingeschal,
dan zal Jezus wederkomen
als de rechter van ’t heelal.
Wie zal op die grote morgen
buigen voor die Majesteit?
Wie zal op die grote morgen
vluchten voor die heerlijkheid?

Wie zal op die grote morgen
buigen voor die Majesteit?
Wie zal op die grote morgen
vluchten voor die heerlijkheid?

Eens zal op de grote morgen
blank en bruin worden vereend;
kleur of ras is niet belangrijk,
maar Gods gunst aan ons verleend.
Wie zal op die grote morgen
buigen voor die Majesteit?
Wie zal op die grote morgen
vluchten voor die heerlijkheid?

Wie zal op die grote morgen
buigen voor die Majesteit?
Wie zal op die grote morgen
vluchten voor die heerlijkheid?

Apostolische geloofsbelijdenis (Staande zingen, 340b)

Dankgebed, voorbeden, Onze Vader
(Met gezongen acclamatie “Heer onze God …” Lied 367e)

Slotlied 425

Zegen (met gezongen amen)

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *