Voorganger: ds. H. Koolhaas, Aalsmeer
Organist: Dhr. Sjaak Warnaar
Ouderling: Mevr. Nel Griffioen
Diaken: Dhr. Steven de Feij
De diensten zijn te volgen via kerkdienst-gemist
https://kerkdienstgemist.nl/stations/2491-Nieuwkoop-HG
Orgelspel
Welkom en mededelingen
Zingen Openingspsalm 25a: 1 en 2 Mijn ogen zijn gevestigd
Stil gebed
Votum en groet
Zingen psalm 29: 1 en 5 Gij die hoogverheven zijt,
Kyrie gebed
Richtlijnen
Zingen lied 310: 1, 2, 3, 4 en 5 Eén is de Heer, de God der goden,
Gebed
Zingen lied 422: 1, 2 en 3 Laat de woorden die we hoorden
Kinderen
Zingen lied 781: 1, 2, 3 en 4 Kind van God gegeven,
Lezing Micha 6: 1 – 8
De gerechtigheid van de HEER
1Hoor toch wat de HEER zegt!
Sta op, laat de bergen uw rechtsgeding horen, laat de heuvels getuige zijn.
2Luister, bergen, naar de aanklacht van de HEER, hoor toe, onwrikbare fundamenten van de aarde.
De HEER voert een geding tegen zijn volk, Hij klaagt Israël aan:
3‘Mijn volk, wat heb Ik je misdaan? Waarmee heb Ik je gekweld? Antwoord Mij!
4Ik heb je uit Egypte geleid, je bevrijd uit de slavernij.
Ik zond Mozes, Aäron en Mirjam om je voor te gaan.
5Herinner je, mijn volk, wat Balak besloot, de koning van Moab, wat Bileam, de zoon van Beor, hem antwoordde.
Herinner je wat er gebeurde tussen Sittim en Gilgal.
Dan zul je weer beseffen hoe rechtvaardig de HEER is.’
6‘Wat kan ik de HEER aanbieden, waarmee hulde brengen aan de verheven God?
Moet ik Hem tegemoet treden met brandoffers, zou Hij eenjarige stieren aanvaarden?
7Kan ik Hem gunstig stemmen met duizenden rammen, met olie, stromend in tienduizend beken?
Moet ik mijn eerstgeborene geven voor wat ik heb misdaan, de vrucht van mijn schoot voor mijn zondig leven?’
8Er is jou, mens, gezegd wat goed is, je weet wat de HEER van je wil: niets anders dan recht te doen, trouw te betrachten en nederig de weg te gaan van je God.
Zingen lied 992: 1, 2, 3 en 4 Wat vraagt de Heer nog meer van ons
lezing 1 Petrus 5: 1 – 11
Het gezag in de gemeente
1Ik doe een beroep op de oudsten onder u. Als uw mede-oudste en als ooggetuige van Christus’ lijden, en omdat ik evenals u zal delen in de luister die binnenkort zal worden geopenbaard, vraag ik u: 2Hoed de kudde van God waarvoor u de verantwoordelijkheid hebt, houd goed toezicht – niet gedwongen maar vrijwillig, zoals God dat wil, en niet om er zelf beter van te worden maar met belangeloze toewijding. 3Stel u niet heerszuchtig op tegenover de kudde die aan u is toevertrouwd, maar geef het goede voorbeeld. 4Dan zult u wanneer de hoogste herder verschijnt deel krijgen aan zijn luister, de lauwerkrans die nooit verwelkt. 5En u, jongeren, moet van uw kant het gezag van de oudsten erkennen. Overigens, in de omgang met elkaar moet ieder van u altijd de minste willen zijn, want God keert zich tegen hoogmoedigen, maar aan nederigen schenkt Hij zijn genade. 6Onderwerp u dus nederig aan Gods grote macht, dan zal Hij u op de bestemde tijd verheffen. 7Leg de last van uw zorgen op Hem, want u ligt Hem na aan het hart.
8Wees waakzaam, wees op uw hoede, want uw vijand, de duivel, zwerft rond als een brullende leeuw, op zoek naar een prooi. 9Stel u tegen hem teweer, gesterkt door uw geloof, in het besef dat uw broeders en zusters, waar ook ter wereld, hetzelfde lijden moeten doorstaan. 10Maar al moet u nog korte tijd lijden, God, de bron van alle genade, die u geroepen heeft om in Christus deel te krijgen aan zijn eeuwige luister, Hij zal u sterk en krachtig maken, zodat u staande zult blijven en niet zult wankelen. 11Hem komt de macht toe, tot in eeuwigheid. Amen.
Zingen lied 215: 1, 2, 4, 5 en 6 Ontwaak, o mens, de dag breekt aan,
Preek ‘Herinner je ‘muziek ‘
Zingen lied 1008: 1, 2 en 3 Rechter in het licht verheven,
Gebed
Collecte
Slotzang lied 939: 1 en 3 Op U alleen, mijn licht, mijn kracht,
Uitzending en zegen
Lied 425 Vervuld van uw zegen gaan wij onze wegen