Voorganger: ds. H.J. Prosman
Organist: Dhr. Ad van Pelt
Ouderling: Mevr. Annemarie Rietveld
Diaken: Dhr. J. Kalshoven
De diensten zijn te volgen via kerkdienst-gemist
https://kerkdienstgemist.nl/stations/2491-Nieuwkoop-HG
Orgelspel
Welkom en mededelingen
Zingen psalm 93:1,2
Bemoediging en groet
v. Onze hulp in de naam van de Heer
a. die hemel en aarde gemaakt heeft.
v. die trouw houdt tot in eeuwigheid
a. en niet loslaat het werk van zijn handen
v. Genade en vrede zij u van God de vader en van de Heer Jezus Christus
a. Amen
Zingen psalm 9393:3,4
Lezen van de geboden: Leviticus 19: 9-17 en 32-35
9Wanneer je de graanoogst binnenhaalt, oogst dan niet tot aan de rand van de akker en raap wat blijft liggen niet bijeen. 10En wanneer je bij de wijnoogst druiven plukt, loop dan niet alles nog eens na en raap niet bijeen wat op de grond is gevallen, maar laat het liggen voor de armen en de vreemdelingen. Ik ben de HEER, jullie God. 11Steel niet, lieg niet en bedrieg je naaste niet. 12Leg geen valse eed af als je bij mijn naam zweert, want daarmee ontwijd je de naam van je God. Ik ben de HEER. 13Beroof niemand en pers een ander niet af. Betaal een dagloner zijn loon nog op dezelfde dag uit. 14Spreek geen vloek uit over een dove en plaats geen obstakel voor de voeten van een blinde. Toon ontzag voor je God. Ik ben de HEER. 15Wees niet partijdig wanneer je rechtspreekt. Trek onaanzienlijken niet voor en zie machthebbers niet naar de ogen. Spreek rechtvaardig recht over je naasten. 16Breng het leven van een ander niet in gevaar door lasterpraat over hem rond te strooien. Ik ben de HEER. 17Wees niet haatdragend. Als je iemand iets te verwijten hebt, roep hem dan ter verantwoording en laad niet omwille van een ander schuld op je.
32Sta op voor oude mensen en betoon hun respect. Toon ontzag voor je God. Ik ben de HEER.
33Iemand die als vreemdeling in jullie land verblijft, mag je niet onderdrukken. 34Behandel vreemdelingen die bij jullie wonen als geboren Israëlieten. Heb hen lief als jezelf, want jullie zijn zelf vreemdelingen geweest in Egypte. Ik ben de HEER, jullie God.
35Knoei niet met lengtematen, gewichten en inhoudsmaten. 36Gebruik een zuivere weegschaal met zuivere gewichten, een zuivere efa en een zuivere hin. Ik ben de HEER, jullie God, die jullie uit Egypte heeft geleid. 37Houd je aan al mijn bepalingen en regels en leef ze na. Ik ben de HEER.”’
Gebed van verootmoediging met acclamatie: 368d
Zingen 413:1,2,3,
Moment met de kinderen
Gebed
Schriftlezing Rechters 6: 1- 16
1-2Maar de Israëlieten deden wat slecht is in de ogen van de HEER. Daarom leverde Hij hen uit aan het volk van Midjan, dat hen zeven jaar achtereen kwam plunderen. Uit angst voor de Midjanieten richtten de Israëlieten in bergspleten, grotten en op andere moeilijk bereikbare plekken schuilplaatsen in. 3Elk jaar wanneer het gewas op het veld stond, kwamen de Midjanieten, de Amalekieten en nog andere woestijnvolken uit het oosten aanzetten en vielen ze Israël binnen. 4Ze sloegen er hun tenten op en vernietigden de oogsten, tot helemaal in Gaza. Niets lieten ze voor de Israëlieten over om van te leven, nog geen schaap, geen rund en geen ezel. 5Als een zwerm sprinkhanen kwamen ze aanzetten met hun vee en hun tenten: een onafzienbare massa mensen en dromedarissen die het land binnenviel en alles verwoestte. 6Door toedoen van Midjan verviel Israël tot bittere armoede, en het volk riep de HEER te hulp. 7Toen de Israëlieten de HEER tegen de Midjanieten te hulp riepen, 8stuurde Hij een profeet, die hun zei: ‘Dit zegt de HEER, de God van Israël: Ik ben het die jullie uit Egypte heeft geleid, Ik heb jullie verlost uit de slavernij. 9Ik heb jullie bevrijd uit de greep van de Egyptenaren en van de volken die jullie hier bedreigden; die heb Ik voor jullie weggejaagd en Ik heb jullie hun land gegeven. 10En Ik heb jullie gezegd: Ook al wonen jullie nu in het land van de Amorieten, hun goden mogen jullie niet vereren want Ik, de HEER, ben jullie God. Maar jullie hebben niet geluisterd naar wat Ik zei.’ 11Toen kwam de engel van de HEER en Hij nam plaats onder de terebint bij Ofra, op het land van Joas, een afstammeling van Abiëzer. Joas’ zoon Gideon was juist bezig tarwe te dorsen. Om ervoor te zorgen dat de Midjanieten de tarwe niet zouden zien, deed hij dat in de wijnpers. 12De engel van de HEER vertoonde zich aan hem en zei: ‘De HEER zij met je, dappere krijgsman.’ 13‘Mag ik U vragen,’ antwoordde Gideon, ‘als de HEER ons werkelijk bijstaat, waarom overkomt dit ons dan allemaal? Waar blijft Hij dan met zijn wonderbaarlijke daden, waarover onze voorouders hebben verteld? Uit Egypte heeft Hij ze geleid, zeiden ze toch? Maar nu heeft Hij ons in de steek gelaten en uitgeleverd aan de Midjanieten!’ 14Toen wendde de HEER zich tot Gideon en zei: ‘Toon je moed en bevrijd Israël, dat is mijn opdracht.’ 15‘Mag ik U vragen,’ antwoordde Gideon, ‘hoe zou ik Israël kunnen bevrijden?’ Mijn familie heeft in onze stam, Manasse, niets in te brengen, en ikzelf ben de jongste van de familie.’ 16De HEER antwoordde: ‘Dat kun je omdat Ik je bijsta. ‘Je zult de Midjanieten verslaan alsof je met niet meer dan één man te doen had.’
Zingen 803: 1,5,6
Mattheüs 5: 1-12
1Toen Hij de mensenmassa zag, ging Hij de berg op. Daar ging Hij zitten met zijn leerlingen om zich heen. 2Hij nam het woord en onderrichtte hen: 3‘Gelukkig wie nederig van hart zijn, want voor hen is het koninkrijk van de hemel. 4Gelukkig de treurenden, want zij zullen getroost worden. 5Gelukkig de zachtmoedigen, want zij zullen de aarde bezitten. 6Gelukkig wie hongeren en dorsten naar de gerechtigheid, want zij zullen verzadigd worden. 7Gelukkig de barmhartigen, want zij zullen barmhartigheid ondervinden. 8Gelukkig wie zuiver van hart zijn, want zij zullen God zien. 9Gelukkig de vredestichters, want zij zullen kinderen van God genoemd worden. 10Gelukkig wie vanwege de gerechtigheid vervolgd worden, want voor hen is het koninkrijk van de hemel. 11Gelukkig zijn jullie wanneer ze je omwille van Mij uitschelden, vervolgen en van allerlei kwaad betichten. 12Verheug je en juich, want je zult rijkelijk beloond worden in de hemel; zo immers vervolgden ze vóór jullie de profeten.
Preek
Zingen 763:1 t/m 5
Presentatie over het ZWO-project in Moldavië
Dankgebed, voorbeden, Onze Vader
Zingen 871: t/m 4
Zegen
Gezongen Amen
