Orde van dienst 1 november 2026
Voorganger: ds. H.J. Prosman
Organist: Dhr. Arie van Blaaderen
Ouderling: Mevr. A. Rietveld
Diaken: Dhr. J S. de Feij
De diensten zijn te volgen via kerkdienst-gemist
https://kerkdienstgemist.nl/stations/2491-Nieuwkoop-HG
Orgelspel
Welkom en mededelingen
Psalm 125:1
Votum en groet
Bemoediging
vg. Onze hulp is de Naam van de HEER
allen: die hemel en aarde gemaakt heeft
vg. die trouw houdt tot in eeuwigheid
allen: en niet laat varen het werk van zijn handen
vg: Genade, barmhartigheid en vrede zij u van God, onzen Vader, en van Christus Jezus onzen Heere.
allen: Amen.
Lied 993:12,3,6,7
Smeekgebed
Lied 713:1,3,5
Kindermoment / Gebed
Schriftlezing: 2 Koningen 5:1-19 (Margreet)
De genezing van Naäman
1Naäman, de bevelhebber van het Aramese leger, stond bij zijn koning in hoog aanzien en werd zeer door hem gewaardeerd, want de HEER had hem voor Aram een grote overwinning laten behalen. Maar deze grote krijgsman leed aan een huidziekte die onrein maakt. 2Nu hadden de Arameeërs op een van hun strooptochten uit Israël een jong meisje meegevoerd, dat als slavin diende bij de vrouw van Naäman. 3Zij zei tegen haar meesteres: ‘Ach, kon mijn meester maar eens naar de profeet in Samaria gaan, die zou hem wel genezen.’ 4Naäman ging naar zijn heer en vertelde hem wat het meisje uit Israël had gezegd. 5Daarop zei de koning van Aram: ‘Ga erheen. Ik zal u een brief meegeven voor de koning van Israël.’
Naäman ging op weg, met tien talent zilver bij zich, zesduizend sjekel goud en tien stel kleren. 6In de brief die hij aan de koning van Israël overhandigde, stond het volgende: ‘Met deze brief stuur ik mijn dienaar Naäman naar u toe, om door u van zijn huidziekte te worden genezen.’ 7Zodra de koning van Israël de brief gelezen had, scheurde hij zijn kleren en riep uit: ‘Ben ik soms God, dat ik kan beschikken over leven of dood? Hij stuurt mij deze man om hem van zijn ziekte te genezen. Let op mijn woorden: hij is uit op een conflict met mij!’ 8Toen de godsman Elisa hoorde dat de koning van Israël zijn kleren had gescheurd, liet hij hem vragen: ‘Waarom hebt u uw kleren gescheurd? Laat die man bij mij komen, dan zal hij merken dat er in Israël een profeet woont.’
9Naäman reed met zijn wagen naar het huis van Elisa. 10Elisa stuurde iemand naar buiten om hem te zeggen: ‘Baad u zevenmaal in de Jordaan, dan zal uw huid weer gezond worden en zult u weer rein zijn.’ 11Kwaad ging Naäman weg. ‘Ik had gedacht dat hij zelf naar buiten zou komen,’ zei hij. ‘En dat hij de naam van de HEER, zijn God, zou aanroepen en met zijn hand over de aangetaste plek zou strijken, en zo de ziekte zou wegnemen. 12Zijn de rivieren van Damascus, de Abana en de Parpar, soms niet beter dan alle wateren in Israël? Had ik me daarin niet kunnen baden om rein te worden?’ Verontwaardigd draaide hij zich om en ging weg. 13Maar zijn bedienden kwamen hem achterna en zeiden: ‘Maar meester, als de profeet u een ingewikkelde opdracht had gegeven, had u die toch ook uitgevoerd? Dus nu hij tegen u zegt: “Baad u, en u zult weer rein worden,” moet u dat zeker doen.’ 14Hierop daalde Naäman af naar de Jordaan en dompelde zich daar zevenmaal onder, zoals de godsman had gezegd. Zijn huid werd weer gezond, zo gaaf als de huid van een kind, en hij was weer rein. 15Toen keerde hij met zijn hele gevolg naar Elisa terug, maakte bij de godsman zijn opwachting en zei: ‘Er is in de hele wereld geen god, behalve in Israël! Alstublieft, neemt u een geschenk van uw dienaar aan.’ 16Maar Elisa antwoordde: ‘Zo waar de HEER, in wiens dienst ik sta, leeft, ik zal niets aannemen.’ En hoe Naäman ook aandrong, Elisa bleef weigeren. 17Toen zei Naäman: ‘Als u werkelijk niets van uw dienaar wilt aannemen, wees dan zo goed mij twee muildierlasten aarde mee te geven. Ik verzeker u dat ik nooit meer offers zal brengen aan andere goden dan de HEER. 18Maar ik hoop dat de HEER mij het volgende zal willen vergeven: ik begeleid mijn vorst altijd als hij naar de tempel gaat om zich voor Rimmon neer te buigen, en ik buig me dan ook neer in de tempel van Rimmon. Ik hoop dus dat de HEER het mij zal willen vergeven wanneer ik me neerbuig in de tempel van Rimmon.’ 19Elisa antwoordde: ‘Ga in vrede.’
Lied 976:1,2,3
Preek
Psalm 107:1,7
Geloofsbelijdenis en lied 344:1,2,3
Bijdrage ZWO-Commissie
Dankgebed, voorbeden, (Als acclamatie zingen we lied 367 e) Onze Vader
Collecte
Psalm 87:1,3
Zegen
Gezongen Amen
Orde van dienst 25 oktober 2026
Voorganger: ds. mevr. E.M. Snaterse
Organist: Dhr. Sjaak Warnaar
Ouderling: Mevr. Nel Griffioen
Diaken: Dhr. J. Kalshoven
De diensten zijn te volgen via kerkdienst-gemist
https://kerkdienstgemist.nl/stations/2491-Nieuwkoop-HG
Orgelspel
Welkom en mededelingen
Intochtslied: 283 alle verzen, In de veelheid van geluiden
Stil gebed
Votum en Groet
Gebed van verootmoediging
Geboden: Romeinen 12: 9 – 13
Laat uw liefde oprecht zijn. Verafschuw het kwaad en wees het goede toegedaan. 10Heb elkaar lief met de innige liefde van broeders en zusters en acht de ander hoger dan uzelf. 11Laat uw enthousiasme niet bekoelen, maar laat u aanvuren door de Geest en dien de Heer. 12Wees verheugd door de hoop die u hebt, wees standvastig wanneer u tegenspoed ondervindt, en bid onophoudelijk. 13Bekommer u om de noden van de heiligen en wees gastvrij.
Lied: 304 alle verzen, Zing van de Vader die in de beginne
Gebed bij de opening van het Woord
Schriftlezing(en)
Lezen: Deuteronomium 6: 1 – 9
Dit zijn de geboden, wetten en regels die ik u in opdracht van de HEER, uw God, moet leren en die u moet naleven in het land aan de overkant, dat u in bezit zult nemen. 2U moet voor de HEER, uw God, ontzag tonen door u te houden aan zijn wetten en geboden, zoals ik die nu aan u geef; dat geldt voor u, zolang u leeft, en voor uw kinderen en uw kleinkinderen. Dan zult u lang leven. 3Luister dus, Israël, en neem ze nauwlettend in acht. Dan zal het u goed gaan in het land dat overvloeit van melk en honing, en zult u sterk in aantal toenemen, zoals de HEER, de God van uw voorouders, u heeft toegezegd.
De HEER is de enige
4Luister, Israël: de HEER, onze God, de HEER is de enige! 5Heb de HEER, uw God, lief met heel uw hart en met heel uw ziel en met heel uw kracht. 6Houd de geboden die ik u vandaag opleg steeds in gedachten. 7Prent ze uw kinderen in en spreek er steeds over, thuis en onderweg, als u naar bed gaat en als u opstaat. 8Draag ze als een teken om uw arm en als een band op uw voorhoofd. 9Schrijf ze op de deurposten van uw huis en op de poorten van de stad.
Psalm 1 vers 1 en 2, Gezegend hij die in der bozen raad
Lezen: Matteus 22: 34 – 46
34Nadat de farizeeën hadden vernomen dat Hij de sadduceeën tot zwijgen had gebracht, kwamen ze bij elkaar. 35Om Hem op de proef te stellen vroeg een van hen, een wetgeleerde: 36‘Meester, wat is het grootste gebod in de wet?’ 37Hij antwoordde: ‘Heb de Heer, uw God, lief met heel uw hart en met heel uw ziel en met heel uw verstand. 38Dat is het grootste en eerste gebod. 39Het tweede is daaraan gelijk: heb uw naaste lief als uzelf. 40Deze twee geboden zijn de grondslag van alles wat er in de Wet en de Profeten staat.’ 41Nu de farizeeën om Hem heen stonden, stelde Jezus hun deze vraag: 42‘Wat denkt u over de messias? Van wie is Hij een zoon?’ ‘Van David,’ antwoordden ze. 43Jezus vroeg: ‘Hoe kan David Hem dan, sprekend door de Geest, Heer noemen? Want hij zegt: 44“De Heer sprak tot mijn Heer: ‘Neem plaats aan mijn rechterhand, tot Ik je vijanden onder je voeten heb gelegd.’” 45Als David Hem dus Heer noemt, hoe kan Hij dan zijn zoon zijn?’ 46En niemand was in staat Hem een antwoord te geven, noch durfde iemand Hem vanaf die dag nog een vraag te stellen.
Lied 838 vers 1 en 2, O grote God die liefde zijt
Uitleg en prediking
Meditatief orgelspel
Lied 313 vers 1 en 2, Een rijke schat van wijsheid
Geloofsbelijdenis gezongen lied 340B
Dankgebed en voorbede
Collecte
Slotlied 871 alle verzen, ‘Jezus zal heersen waar de zon
Heenzending en zegen
Gezongen Amen
Orde van dienst 18 oktober 2026
Voorganger: ds. H.J. Prosman
Organist: Dhr. Ad van Pelt
Ouderling: Dhr. R. Verhallen
Diaken: Dhr. S. de Feij
De diensten zijn te volgen via kerkdienst-gemist
https://kerkdienstgemist.nl/stations/2491-Nieuwkoop-HG
Orgelspel
Welkom en mededelingen
Zingen Psalm 100: 1,2
Votum en groet
Zingen Psalm 100:3,4
Schuldbelijdenis
Zingen Psalm 130a:1,2
Genadeverkondiging
Zingen Psalm 130a:3
Moment met de kinderen
Gebed
Schriftlezing: Psalm 22:1-12
1Voor de koorleider. Op de wijs van De hinde van de dageraad. Een psalm van David.
2Mijn God, mijn God, waarom hebt U mij verlaten? U blijft ver weg en redt mij niet, ook al schreeuw ik het uit.
3‘Mijn God!’ roep ik overdag, en U antwoordt niet, ’s nachts, en ik vind geen rust.
4U bent de Heilige, die op Israëls lofzangen troont.
5Op U hebben onze voorouders vertrouwd;
zij hebben vertrouwd en U verloste hen,
6tot U geroepen en zij ontkwamen,
op U vertrouwd en zij werden niet beschaamd.
7Maar ik ben een worm en geen mens,
door iedereen versmaad, bij het volk veracht.
8Allen die mij zien, bespotten mij,
ze schudden meewarig het hoofd:
9‘Wend je tot de HEER! Laat Hij je verlossen,
laat Hij je bevrijden, Hij houdt toch van je?’
10U hebt mij uit de buik van mijn moeder gehaald,
mij aan haar borsten toevertrouwd,
11bij mijn geboorte vingen uw handen mij op,
van de moederschoot af bent U mijn God.
12Blijf dan niet ver van mij,
want de nood is nabij
en er is niemand die helpt.
13Een troep stieren staat om mij heen,
buffels van Basan omsingelen mij,
14roofzuchtige, brullende leeuwen
sperren hun muil naar mij open.
15Als water ben ik uitgegoten,
mijn gebeente valt uiteen,
mijn hart is als was,
het smelt in mijn lijf.
16Mijn kracht is droog als een potscherf,
mijn tong kleeft aan mijn gehemelte,
U legt mij neer in het stof van de dood.
17Honden staan om mij heen,
een woeste bende sluit mij in,
zij hebben mijn handen en voeten gebonden.
18Ik kan mijn beenderen tellen.
Zij kijken vol leedvermaak toe,
19verdelen mijn kleren onder elkaar,
werpen het lot om mijn gewaad.
20HEER, houd u niet ver van mij,
mijn sterkte, snel mij te hulp.
21Bevrijd mijn ziel van het zwaard,
mijn leven uit de greep van die honden.
22Red mij uit de muil van de leeuw,
behoed mij voor de hoorns van de wilde stier.
U geeft mij antwoord.
Zingen Psalm 22:1,4
Preek
Zingen Lied 927:1,2,3
Geloofsbelijdenis
Zingen Lied 858:1,2,3,4
Dankgebed, voorbeden en Onze Vader
Collecte
Slotlied Lied 838:3
Zegen
Gezongen Amen
Orde van dienst 11 oktober 2026 – Bediening Heilig avondmaal
Voorganger: ds. H.J. Prosman
Organist: Dhr. Ad van Pelt
Ouderling: Mevr. Annemarie Rietveld
Diaken: Dhr. Steven de Feij
De diensten zijn te volgen via kerkdienst-gemist
https://kerkdienstgemist.nl/stations/2491-Nieuwkoop-HG
Orgelspel
Welkom en mededelingen
Intochtslied: Psalm 23b:1,2
Votum en groet
Zingen Psalm 23b:4,5
Gebed
Schriftlezing: psalm 23
1Een psalm van David.
De HEER is mijn herder,
het ontbreekt mij aan niets.
2Hij laat mij rusten in groene weiden
en voert mij naar vredig water,
3Hij geeft mij nieuwe kracht
en leidt mij langs veilige paden
tot eer van zijn naam.
4Al gaat mijn weg
door een donker dal,
ik vrees geen gevaar,
want U bent bij mij,
uw stok en uw staf,
zij geven mij moed.
5U nodigt mij aan tafel
voor het oog van de vijand,
U zalft mijn hoofd met olie,
mijn beker vloeit over.
6Geluk en genade volgen mij
alle dagen van mijn leven,
ik verblijf in het huis van de HEER
tot in lengte van dagen.
Zingen Psalm 80:1,6
Preek
Zingen lied 381:1,3
Lezen van het Avondmaalsformulier
Diaconaal gebed, Onze Vader
Zingen Lied 833: Neem mij aan zoals ik ben
Viering van het Heilig Avondmaal
Zingen: psalm 103c:1
Dankgebed en voorbeden
Collecte
Zingen lied 245: 1,3
Zegen
Gezongen Amen
Orde van dienst 4 oktober 2026
Voorganger: ds. H.J. Prosman
Organist: Mevr. Saskia ten Have
Ouderling: Mevr. Nel Griffioen
Diaken: Dhr. J. Kalshoven
De diensten zijn te volgen via kerkdienst-gemist
https://kerkdienstgemist.nl/stations/2491-Nieuwkoop-HG
Orgelspel
Welkom en mededelingen
Zingen Aanvangspsalm 42:1,7
Bemoediging en groet
Voorganger: Onze hulp is in de naam van de Heer.
Gemeente: Die hemel en aarde gemaakt heeft.
Voorganger: Die trouw blijft tot in eeuwigheid.
Gemeente: En niet loslaat wat Zijn hand begon
Voorganger: Genade, barmhartigheid en vrede zij u van God, onze Vader, en van Christus Jezus onze Heere.
Gemeente: Amen.
(Blijven staan)
Voorganger:
Heer God,
Alle harten liggen voor U open,
Alle verlangens zijn aan U bekend
En voor U bestaan er geen geheimen.
Gemeente:
Zuiver onze harten en gedachten
Door de adem van Uw geest.
Dat wij U voluit kunnen liefhebben
En Uw naam eer aandoen. Amen.
(Gemeente gaat zitten)
Gezang 678:1,2,3,9
Gedicht
Die hond en ik. Hij heeft zich
teruggetrokken in zichzelf, en ik
– ik had mijn hand op zijn rug
gelegd, zijn huid rimpelde,
ik had hem aangekeken en hij
keek op in mijn gezicht alsof
hij iets zocht uit mijn mond,
ik had iets gemompeld en
hij legde zich neer, zuchtte
en sliep in –
ik moet iets zijn geweest in
die hand, dat gezicht, die mond,
iets dat ik heb gekend, maar nu
verborgen is in hem, die hond.
(Rutger Kopland)
Smeekgebed / 367b
Gloria: Zonnelied van Franciscus (Gezang 400 LvdK)
1 Almachtige, verheven Heer, halleluja,
aan U behoort de lof en eer, halleluja.
Wie kan U loven als Gij zijt, halleluja,
wij zegenen uw heerlijkheid, halleluja.
Halleluja, halleluja, halleluja.
2 Geloofd om gans uw creatuur, halleluja!
Ten eerste om dat blinkend vuur, halleluja,
die warme schitterende bron, halleluja,
de heer des hemels, broeder zon, halleluja.
Halleluja, halleluja, halleluja.
8 Geloofd om moeder aarde, Heer, halleluja,
ons leven staat in haar beheer, halleluja,
zij geeft ons vruchten zonder tal, halleluja,
en bonte bloemen overal, halleluja.
Halleluja, halleluja, halleluja.
12 Geloofd, gezegend zijt Gij Heer, halleluja,
wij brengen U de lof en eer, halleluja.
Wij willen nederig en klein, halleluja,
de dienaars van uw grootheid zijn, halleluja.
Halleluja, halleluja, halleluja.
Moment met de kinderen
Kinderlied: Ik zag een kuikentje Ik zag een kuikentje
Dat bij zijn moeder zat
Onder haar vleugels
Waar het veilig zat
Tegen regen, tegen zonneschijn
Heer, zo wil ik bij U zijn
In de schaduw van Uw vleugels
Wil ik schuilen, wil ik schuilen
In de schaduw van uw vleugels
Wil ik schuilen, o Heer
U bent mijn toevlucht
U bent mijn sterkte
U bent mijn schuilplaats
U o Heer
In de schaduw van Uw vleugels
Wil ik schuilen, wil ik schuilen
In de schaduw van Uw vleugels
Wil ik schuilen, o Heer
Ik zag een kuikentje
Dat bij zijn moeder zat
Onder haar vleugels
Waar het veilig zat
Zoals dat kuikentje
Klein en teer
Wil ik schuilen, o Heer
Gebed
Schriftlezing: Numeri 22: 21-35
De volgende morgen maakte Bileam zich gereed, zadelde zijn ezelin en ging met de Moabitische leiders mee. 22Maar nauwelijks was hij op weg, rijdend op zijn ezelin en vergezeld door twee van zijn dienaren, of God ontstak in woede. De engel van de HEER ging op de weg staan om Bileam tegen te houden. 23De ezelin zag de engel van de HEER op de weg staan, met een getrokken zwaard in de hand, en ze ging opzij, van de weg af het veld in. Bileam sloeg de ezelin om haar weer naar de weg te drijven. 24Hierop ging de engel van de HEER op een smalle weg tussen de wijngaarden staan. Aan weerszijden was een muur. 25Toen de ezelin de engel van de HEER zag, drukte ze zich tegen de muur, zodat Bileams voet bekneld raakte. Weer sloeg hij haar. 26De engel van de HEER ging opnieuw een stuk verderop staan, in een nauwe doorgang, waar geen ruimte was om naar links of rechts uit te wijken. 27Toen de ezelin de engel van de HEER zag ging ze liggen, met Bileam nog op haar rug. Bileam werd woedend en sloeg de ezelin met een stok. 28Toen opende de HEER de mond van de ezelin. Ze vroeg Bileam: ‘Wat heb ik u misdaan, dat u me nu al drie keer geslagen hebt?’ 29‘Je solt met me,’ zei Bileam. ‘Als ik een zwaard bij me had, dan had ik je allang gedood!’ 30De ezelin vroeg Bileam: ‘Ben ik niet de ezelin waarop u al uw hele leven rijdt? Heb ik me soms eerder zo gedragen?’ ‘Nee, nooit,’ antwoordde hij. 31Toen opende de HEER Bileam de ogen, zodat hij de engel van de HEER op de weg zag staan, met het getrokken zwaard in de hand. Hij knielde en boog diep voorover. 32De engel van de HEER vroeg hem: ‘Waarom heb je je ezelin nu al drie keer geslagen? Ik ben gekomen om je tegen te houden; doordat Ik hier sta is de weg afgesloten. 33Driemaal zag je ezelin Mij, en driemaal is ze voor Me opzij gegaan. Had ze dat niet gedaan, dan had Ik jou gedood maar haar in leven gelaten.’ 34Bileam zei tegen de engel van de HEER: ‘Ik heb gezondigd, want ik wist niet dat U tegenover mij stond. Maar als wat ik doe slecht is in uw ogen, ga ik terug naar huis.’ 35De engel van de HEER zei tegen Bileam: ‘Ga maar met die mannen mee. Maar je mag alleen zeggen wat Ik je opdraag.’ Dus ging Bileam met Balaks gezanten mee.
Gezang 395:
O Heer, verberg U niet voor mij,
wanneer ik mij verberg voor U.
Gij weet het, ik ben bang voor U ,
ontwijk U en verlang naar U.
O ga niet aan mijn hart voorbij.
En wees niet toornig over mij,
wanneer ik U geen liefde bied.
Ik noem U, maar ik ken U niet,
ik buig mij, maar ik ben het niet
en mijn gebed is tegen mij.
Spreek zelf in mij het rechte woord.
Zo vaak ik woorden voor U vond,
heb ik mij in mijn woord vermomd.
Nu wacht ik tot Gij zelve komt
en spreekt, zodat uw knecht het hoort.
Heer, roep mij als uw dwalend schaap,
dat U niet zoekt en U niet vindt.
Geef mij, als een die Gij bemint,
geef, dat ik als uw eigen kind
uw stem mag horen in mijn slaap.
Preek
Pianospel
Liedboek 344 (klein Credo)
Dankgebed, voorbeden, Onze Vader
Collecte
Lied 802:1,4 (traditionele melodie)
Zegen
Gezongen Amen
Open Monumentendag
Zaterdag 12 september staan vanaf 11.00 uur tot 16.00 uur de deuren van de kerk open voor uw bezoek.
De kerk werd in 1822 in gebruik genomen. Over deze kerk en de voormalige kerk is veel te vertellen.
Zie b.v. het schilderij, dat Van der Laan heeft gemaakt naar het schilderij van Beerstraeten uit omstreeks 1663.
Ook zal Zanggroep ‘Cantare’ tussen 13.30 en 14.30 uur enige liederen zingen.
Daarvoor zijn we Pia, Manja, Adrie en Cobie zeer erkentelijk.
In de kerk ligt ook een mooie, oude gerestaureerde Statenbijbel. Daar omheen worden andere bijbels tentoongesteld.
Samen met Dani Ismaïli hebben we dit verzorgd.
Achter in de kerk, onder het orgel kunt u met ons een kopje thee, koffie of een glas limonade drinken. Komt u ook kijken en luisteren?
U bent van harte welkom.

Orde van dienst 13 september 2026
Voorganger: dhr. R.W. Baas, Gouda
Organist: dhr. Sjaak Warnaar
Ouderling: mevr. Nel Griffioen
Diaken: dhr. Steven de Feij
De diensten zijn te volgen via kerkdienst-gemist
https://kerkdienstgemist.nl/stations/2491-Nieuwkoop-HG
Orgelspel
Welkom en mededelingen
Intochtslied Psalm 65 vers 1 en 2
Stil gebed
Votum en Groet
zingen LIED 654 vers 1
Gebed om Verootmoediging
zingen LIED 654 vers 2 en 3
Genade verkondiging uit de eerste Johannes brief
zingen LIED 654 vers 4 en 5
We lezen het grote gebod uit Marcus 12
zingen LIED 654 vers 6
Gebed bij de opening van het Woord
Schriftlezing(en)
1 SAMUEL 3: 1-10
Samuel geroepen
1De jonge Samuel diende dus de HEER, onder de hoede van Eli. Er klonken in die tijd zelden woorden van de HEER en er braken geen visioenen door. 2Op zekere nacht lag Eli op zijn slaapplaats. Zijn ogen waren dof geworden, hij kon bijna niet meer zien. 3Samuel lag te slapen in het heiligdom van de HEER, bij de ark van God. De godslamp was nog niet gedoofd. 4Toen riep de HEER Samuel. ‘Ja, hier ben ik,’ antwoordde Samuel. 5Hij liep snel naar Eli toe en zei: ‘Hier ben ik. U hebt me toch geroepen?’ Maar Eli antwoordde: ‘Ik heb je niet geroepen. Ga maar slapen.’ Toen Samuel weer lag te slapen, 6riep de HEER hem opnieuw. Samuel stond op, ging naar Eli en zei: ‘Hier ben ik. U hebt me toch geroepen?’ Maar Eli antwoordde: ‘Ik heb je niet geroepen, mijn jongen. Ga maar weer slapen.’ 7Samuel had de HEER nog niet leren kennen, want de HEER had zich niet eerder aan hem bekendgemaakt door het woord tot hem te richten. 8Opnieuw riep de HEER Samuel, voor de derde keer. Samuel stond op, ging naar Eli en zei: ‘Hier ben ik. U hebt me toch geroepen?’ Toen begreep Eli dat het de HEER was die de jongen riep. 9Hij zei tegen Samuel: ‘Ga maar weer slapen. Wanneer je wordt geroepen, moet je antwoorden: “Spreek, HEER, uw dienaar luistert.”’ Samuel legde zich weer te slapen, 10en de HEER kwam bij hem staan en riep net als de voorgaande keren: ‘Samuel! Samuel!’ En Samuel antwoordde: ‘Spreek, uw dienaar luistert.’
OPENBARING 1 vers 19 en 20 (Herziene Staten vertaling)
Opdracht om te schrijven aan de zeven gemeenten
19Schrijf nu op wat u hebt gezien, en wat is, en wat hierna zal geschieden. 20Het geheimenis van de zeven sterren die u in Mijn rechterhand hebt gezien, en van de zeven gouden kandelaren is: de zeven sterren zijn de engelen van de zeven gemeenten, en de zeven kandelaren die u hebt gezien, zijn de zeven gemeenten.
Zingen Lied 317 geheel
Uitleg en prediking
Meditatief orgelspel
Zingen Lied Psalm 85 vers 3 en 4 (OUDE BERIJMING!)
3.
Merk op, mijn ziel, wat antwoord God u geeft;
Hij spreekt gewis tot elk, die voor Hem leeft,
Zijn gunstgenoot, van blijden troost en vree,
Mits hij niet weer op ’t spoor der dwaasheid tree.
Voorwaar, Gods heil is reeds nabij ’t geslacht,
Hetwelk Hem vreest en Zijne hulp verwacht;
Opdat er eer in onzen lande woon’,
En zich aldaar op ’t luisterrijkst vertoon’.
4.
Dan wordt gena van waarheid blij ontmoet,
De vrede met een kus van ’t recht gegroet;
Dan spruit de trouw uit d’ aarde blij omhoog,
Gerechtigheid ziet neer van ’s hemels boog;
Dan zal de Heer’ ons ’t goede weer doen zien;
Dan zal ons ’t land zijn volle garven bien.
Gerechtigheid gaat voor Zijn aangezicht,
Hij zet z’ alom, waar Hij Zijn treden richt.
Geloofsbelijdenis (staande: gelezen)
Dankgebed en voorbede
Collecte
Slotlied. Psalm 66 vers 6 en 7
Heenzending en zegen
Gezongen Amen
Orde van dienst 6 september 2026
Voorganger: ds. J. Verschoof, Leimuiden
Organist: dhr. Ad van Pelt
Ouderling: dhr. R. Verhallen
Diaken: dhr. J. Kalshoven
De diensten zijn te volgen via kerkdienst-gemist
https://kerkdienstgemist.nl/stations/2491-Nieuwkoop-HG
Orgelspel
Welkom en mededelingen
Zingen Psalm 84a: 1,5
Wat hou ik van uw huis,
HEER van de hemelse legers.
Ik kan zo sterk verlangen
naar de binnenpleinen van de HEER.
Diep in mijn lijf is zo’n heimwee,
zo’n blijvende schreeuw om de levende God.
De HEER beveiligt ons,
eer en geluk zal Hij geven,
Hij heeft zijn liefde nooit ontzegd
aan mensen, eerlijk onderweg.
HEER van de hemelse legers,
gelukkig zijn zij die vertrouwen op U.
Stil gebed, woord van bemoediging en groet
Luisterlied van Sela: ‘God van leven…’
Muzieklink: https://youtu.be/0nyeSI0598Y?si=2NXXhz3EsNoK-1uZ
Gebed om verootmoediging en om de opening van het Woord
Zingen Evangelische Liedbundel Lied 152
1 Veni Sancte Spiritus,
tui amoris ignem accende.
Veni Sancte Spiritus,
veni Sancte Spiritus
2 Kom tot ons, o Heil’ge Geest,
ontsteek in ons de vlam van uw liefde.
Kom tot ons, o Heil’ge Geest,
woon in ons, o Heil’ge Geest
Eerste Schriftlezing: Romeinen 1:1-12 NBV21
Paulus’ verlangen naar de christelijke gemeente in Rome’
1Van Paulus, dienaar van Christus Jezus, geroepen tot apostel en uitgekozen om het evangelie van God te verkondigen, 2dat al bij monde van zijn profeten in de heilige geschriften is beloofd: 3het evangelie over zijn Zoon – als mens voortgekomen uit het nageslacht van David, 4aangewezen als Zoon van God en met macht bekleed door de heilige Geest, toen Hij opstond uit de dood –, Jezus Christus, onze Heer. 5Hij heeft mij de genade geschonken apostel te zijn, opdat ik omwille van zijn naam aan alle volken gehoorzaamheid en geloof zou verkondigen – 6ook aan u, die geroepen bent door Jezus Christus. 7Aan allen in Rome, geliefden van God, geroepen om zijn heiligen te zijn. Genade zij u en vrede van God, onze Vader, en van de Heer Jezus Christus. 8Allereerst dank ik door Jezus Christus mijn God voor u allen, omdat er in de hele wereld over uw geloof gesproken wordt. 9God, die ik door de verkondiging van het evangelie over zijn Zoon vol overgave dien, is mijn getuige dat ik u onophoudelijk in mijn gebeden noem. 10En altijd vraag ik dan of ik door Gods wil in de gelegenheid zal zijn om eindelijk naar u toe te komen. 11Want ik verlang ernaar u te ontmoeten en u te laten delen in een geestelijke gave, om u te sterken, 12of liever, om door elkaar bemoedigd te worden: ik door uw geloof en u door het mijne.
Tweede Schriftlezing: Handelingen 28:11-15 NBV21
‘Paulus onderweg naar Rome’
11Na drie maanden vertrokken we met een schip dat op het eiland had overwinterd. Het was een schip uit Alexandrië met de Dioscuren als boegbeeld. 12We deden de haven van Syracuse aan, waar we drie dagen bleven liggen. 13Daarna lichtten we de ankers weer en kwamen we aan in Regium. De volgende dag stak er een zuidenwind op, zodat we binnen twee dagen Putéoli bereikten. 14Daar troffen we leerlingen aan, die ons uitnodigden om een week bij hen te blijven. Vervolgens gingen we op weg naar Rome. 15De leerlingen, die van onze komst hadden gehoord, kwamen ons vanuit Rome tegemoet tot Forum Appii en Tres Tabernae, en toen Paulus hen zag dankte hij God en vatte moed.

Afbeelding Paulus’ reis naar Rome
Wij zingen ELB Lied 241:1, 2

Verkondiging n.a.v. Handelingen 28:15:
‘De leerlingen, die van onze komst hadden gehoord, kwamen ons vanuit Rome tegemoet tot Forum Appii en Tres Tabernae, en toen Paulus hen zag dankte hij God en vatte moed.’
Orgelspel
Wij zingen ‘Heer wijs mij uw weg…’, een lied van Sela
Heer, wijs mij uw weg
en leid mij als een kind
dat heel de levensweg
slechts in U richting vindt.
Als mij de moed ontbreekt
om door te gaan,
troost mij dan liefdevol en moedig mij weer aan.
Heer, leer mij uw weg,
die zuiver is en goed.
Uw woord is onderweg
als een lamp voor mijn voet.
Als mij het zicht ontbreekt,
het donker is,
leid mij dan op uw weg,
de weg die eeuwig is.
Heer toon mij uw plan;
maak door uw Geest bekend
hoe ik U dienen kan
en waarheen U mij zendt.
Als ik de weg niet weet,
de hoop opgeef,
toon mij dat Christus heel
mijn weg gelopen heeft.
Kinderen komen tijdens zingen terug in de kerk
Geloofsbelijdenis (staand)
Wij zingen Lied 195 ‘Ere zij de Vader en de Zoon…’
Gebed, dankzegging en voorbeden – stilte – Onze Vader
Collecten
Slotlied: Lied 910:1,2,3
1. Soms groet een licht…
2. Goddank, wij overdenken…
3. Hij die met heerlijkheden…
Zegen
Gezongen Amen
Orde van dienst 30 augustus 2026 – bediening Heilig Avondmaal
Voorganger: ds. H.J. Prosman
Organist: Dhr. Ad van Pelt
Ouderling: Mevr. A. Rietveld
Diaken: Dhr. J. Kalshoven en S. de Feij
De diensten zijn te volgen via kerkdienst-gemist
Orgelspel
Welkom en mededelingen
Zingen Psalm 119:12
Stil gebed
Bemoediging en groet (we blijven staan)
Schuldbelijdenis
Lofzang 705:1
(zitten)
Gebed
Lezing Matteüs 17:14-21
Gebrek aan geloof
14Toen ze zich weer bij de mensenmassa voegden, kwam er iemand naar Hem toe die voor Hem op zijn knieën viel 15en zei: ‘Heer, heb medelijden met mijn zoon, want hij is maanziek en lijdt daar erg onder; hij valt dikwijls in het vuur of in het water. 16Ik heb hem bij uw leerlingen gebracht, maar zij konden hem niet genezen.’ 17Jezus antwoordde: ‘Wat zijn jullie toch een ongelovig en dwars volk, hoe lang moet Ik nog bij jullie blijven? Hoe lang moet Ik jullie nog verdragen? Breng hem bij Me.’ 18Daarop sprak Jezus de demon streng toe. Deze ging uit de jongen weg, en vanaf dat moment was hij genezen. 19Toen de leerlingen met Jezus alleen waren, vroegen ze Hem: ‘Waarom konden wij die geest niet uitdrijven?’ 20Hij antwoordde: ‘Vanwege jullie gebrek aan geloof. Ik verzeker jullie: als jullie geloof hebben als een mosterdzaadje, dan zeg je tegen die berg: “Verplaats je van hier naar daar!” en dan zal hij zich verplaatsen. Niets zal voor jullie onmogelijk zijn.’
Zingen: Welk een vriend is onze Jezus (ELB 299:1,2,3)
1 Welk een vriend is onze Jezus,
Die in onze plaats wil staan!
Welk een voorrecht, dat ik door Hem
Altijd vrij tot God mag gaan.
Dikwijls derven wij veel vrede,
Dikwijls drukt ons zonde neêr,
Juist omdat wij ’t al niet brengen
In ’t gebed tot onzen Heer.
2 Leidt de weg soms door verzoeking,
Dat ons hart in ’t strijduur beeft,
Gaan wij dan met al ons strijden
Tot Hem, die verlossing geeft.
Kan een vriend ooit trouwer wezen,
Dan Hij die ons lijden draagt?
Jezus biedt ons aan genezing,
Hij alleen is ’t, die ons schraagt.
3 Zijn wij zwak, belast, beladen,
En ter neêr gedrukt door zorg!
Dierbr’e Heiland! onze Toevlucht!
Gij zijt onze Hulp en Borg!
Als soms vrienden ons verlaten,
Gaan wij biddend tot den Heer,
In Zijn armen zijn wij veilig,
Hij verlaat ons nimmermeer.
Verkondiging
Zingen lied 422:1,2,3
Avondmaalsformulier
Gebed – Onze Vader
Zingen lied 405:1,2,3,4
Viering Heilig Avondmaal
Zingen psalm 103c1
Zending en Zegen
Slotzang: lied834:1,2,3