Orde van dienst 25 december 2025 – kerstmorgen

Voorganger:                      ds. H.J. Prosman
Organist:                             Dhr. Adrie van Blaaderen
Ouderling:                          Mevr. Nel Griffioen
Diaken:                               Dhr. Steven de Feij

De diensten zijn te volgen via kerkdienst-gemist

https://kerkdienstgemist.nl/stations/2491-Nieuwkoop-HG

Orgelspel
Welkom en mededelingen
Zingen                                  lied477: 1, 2, 4

Voorg: Onze hulp is de Naam van de Heer
Allen: Die hemel en aarde gemaakt heeft

Voorg: Die niet loslaat het werk van zijn handen
allen: Maar trouw is in eeuwigheid.

Voorg: Genade zij u en vrede, Van God de Vader en van de Heer Jezus Christus
Allen: Amen.

Zingen                                  lied 488:1,4
Smeekgebed / Liedboek 367b “Heer, onze Heer, ontferm U over ons”
Glorialied: 487: 1, 2, 3
Moment met de kinderen
Gebed
Projectlied (Melodie van ‘Nu zijt wellekome’)
Welkom bij de Koning, kom maar dichterbij.
De staldeur staat wijd open, voor jou, voor mij.
Jezus wordt geboren en al is Hij nu nog klein,
straks zal Hij de Redder van heel de wereld zijn.
God dicht bij ons.

Veel gewone mensen, één bijzonder Kind.
Lees mee waarom Gods plan juist met hen begint.
Kijk mee door hun ogen en word deel van dit verhaal.
Jezus wordt geboren, wees welkom allemaal!
God dicht bij ons.

Schriftlezing Lucas 2: 1-20
In die tijd kondigde keizer Augustus een decreet af dat alle inwoners van het rijk zich moesten laten inschrijven. Deze eerste volkstelling vond plaats tijdens het bewind van Quirinius over Syrië. Iedereen ging op weg om zich te laten inschrijven, ieder naar de plaats waar hij vandaan kwam. Ook Jozef ging op weg om zich te laten inschrijven. Samen met Maria, zijn aanstaande vrouw, die zwanger was, reisde hij van de stad Nazaret in Galilea naar Judea, naar de stad van David die Bethlehem heet, aangezien hij van David afstamde. Terwijl ze daar waren, brak de dag van haar bevalling aan, en ze bracht een zoon ter wereld, haar eerstgeborene. Ze wikkelde Hem in doeken en legde Hem in een voederbak, omdat er voor hen geen plaats was in het gastenverblijf.
Niet ver daarvandaan brachten herders de nacht door in het veld, ze hielden de wacht bij hun kudde. Opeens stond er een engel van de Heer bij hen en werden ze omgeven door de stralende luister van de Heer, zodat ze hevig schrokken. De engel zei tegen hen: ‘Wees niet bang, want ik kom jullie goed nieuws brengen dat grote vreugde betekent voor heel het volk: vandaag is in de stad van David jullie redder geboren. Hij is de Messias, de Heer. Dit zal voor jullie het teken zijn: jullie zullen een pasgeboren kind vinden dat in doeken gewikkeld in een voederbak ligt.’ En plotseling voegde zich bij de engel een groot hemels leger dat God prees met de woorden:
‘Eer aan God in de hoogste hemel en vrede op aarde voor de mensen die Hij liefheeft.’
Toen de engelen waren teruggegaan naar de hemel, zeiden de herders tegen elkaar: ‘Laten we naar Bethlehem gaan om met eigen ogen te zien wat er gebeurd is en wat de Heer ons bekend heeft gemaakt.’ Ze gingen meteen op weg, en troffen Maria aan en Jozef en het kind dat in de voederbak lag. Toen ze het zagen, vertelden ze wat hun over het kind was gezegd. Allen die het hoorden stonden verbaasd over wat de herders tegen hen zeiden, maar Maria bewaarde al deze woorden in haar hart en bleef erover nadenken. De herders gingen terug, terwijl ze God loofden en prezen om alles wat ze gehoord en gezien hadden, precies zoals het hun was gezegd.

Zingen                                  lied 481: 1 en 3
Lezen: Jesaja 65: 1
Al vragen zij niet naar Mij, toch laat Ik me raadplegen, en al zoeken ze Mij niet, toch laat Ik me vinden. Al roept dit volk mijn naam niet aan, toch antwoord Ik: ‘Hier ben Ik, hier ben Ik.’

Preek
Zingen                                  lied 503: 1,2,3,4
Geloofsbelijdenis
Zingen                                  psalm 89:3
Dankgebed, Voorbeden, Onze Vader
Slotzang: Ere zij God

Zegen
Moge de vreugde van de engelen,
De blijdschap van de herders,
De aanbidding van de wijzen en
de vrede van het Christuskind
ons vervullen.

Moge Christus, die door zijn vleeswording
alles op aarde en in de hemel samenbindt,
ons vervullen met vreugde en vrede.

Zo zegene u, de Drie-ene God
Vader, Zoon en Heilige Geest

Allen: Amen.

Orde van dienst 24 december 2025 – Kerstavond

Voorganger:                      ds. H.J. Prosman
Organist:                            Dhr. Jan-Willem Hueting
MMV                                  Zangvereniging Con Amore olv dhr Wim Kusee
Ouderling:                          Dhr. Robert Verhallen
Diaken:                               Dhr. J. Kalshoven

De diensten zijn te volgen via kerkdienst-gemist

https://kerkdienstgemist.nl/stations/2491-Nieuwkoop-HG

Het is feest.
Zie het wit van de bloemen,
hun kelken vol belofte.
Duiven, engelen, hemel en aarde ontmoeten elkaar,
het Kind is geboren, licht over licht.

Orgelspel
Welkom en mededelingen
Zingen: “Stille nacht”.  (1, koor, 2 en 3 samenzang)

Stille nacht, heilige nacht,
Davids Zoon, lang verwacht,
die miljoenen eens zaligen zal,
wordt geboren in Bethlehems stal,
Hij, der schepselen Heer,
Hij, der schepselen Heer.

Hulploos Kind, heilig Kind,
dat zo trouw zondaars mint,
ook voor mij hebt Ge U rijkdom ontzegd,
wordt Ge op stro en in doeken gelegd.
Leer me U danken daarvoor.
Leer me U danken daarvoor.

Stille nacht, heilige nacht,
Vreed’ en heil wordt gebracht,
aan een wereld, verloren in schuld;
Gods belofte wordt heerlijk vervuld.
Amen, Gode zij eer!
Amen, Gode zij eer!

Bemoediging en groet

Zingen: “In de nacht gekomen” (1,2 Con Amore, 3 allen)

1 In de nacht gekomen
Kind van hogerhand.
Licht in blinde ogen,
licht dat zingend brandt.
Kom in onze dagen,
kom in onze nacht.
Hoor de aarde klagen,
Heer, de wereld wacht.

2 In de nacht gekomen
Kind dat met geduld,
eeuwenoude dromen
eindelijk vervult.
Kom in onze dagen,
kom in onze nacht.
Kom met uw gestage,
milde overmacht.

3
In de nacht gekomen,
onmiskenbaar Kind.
Kom, doorwaai de bomen,
zachte zuidenwind.
Kom in onze dagen,
kom in onze nacht.
Laat uw morgen dagen,
kom, de wereld wacht.

Gebed

Schriftlezing: Jesaja 9: 1-6
Het volk dat in duisternis ronddoolt ziet een schitterend licht. Zij die in het donker wonen worden door een helder licht beschenen. U hebt het volk weer groot gemaakt, diepe vreugde gaf U het, blijdschap als de vreugde bij de oogst, zij jubelen als bij het verdelen van de buit. Het juk dat op hen drukte, de stok op hun schouder, de staf van de drijver, U hebt ze verbrijzeld, zoals Midjan destijds. Iedere laars die dreunend stampte en elke mantel die doordrenkt is van bloed, ze worden verbrand, ze vallen ten prooi aan het vuur.
Een kind is ons geboren,
een zoon is ons gegeven;
de heerschappij rust op zijn schouders.
Deze namen zal hij dragen: Wonderbare raadsman,
Sterke God, Eeuwige vader, Vredevorst.
Groot is de heerschappij en zonder einde de vrede voor de troon van David en voor zijn koninkrijk; ze zijn gegrondvest op recht en gerechtigheid en staan vast voor altijd en eeuwig. De HEER van de hemelse machten brengt dit in zijn vurige liefde tot stand.

Zingen: 477: 1,3

Komt allen tezamen,
jubelend van vreugde:
Komt nu, o komt nu naar Bethlehem!
Ziet nu de vorst der eng’len hier geboren
Komt, laten wij aanbidden,
komt, laten wij aanbidden,
komt, laten wij aanbidden die Koning.

Het licht van de Vader,
licht van den beginne,
zien wij omsluierd, verhuld in ‘t vlees:
goddelijk kind, gewonden in de doeken!
Komt, laten wij aanbidden
komt, laten wij aanbidden
komt, laten wij aanbidden die Koning.

Schriftlezing: Lucas 1: 1-20
In die tijd kondigde keizer Augustus een decreet af dat alle inwoners van het rijk zich moesten laten inschrijven. Deze eerste volkstelling vond plaats tijdens het bewind van Quirinius over Syrië. Iedereen ging op weg om zich te laten inschrijven, ieder naar de plaats waar hij vandaan kwam. Ook Jozef ging op weg om zich te laten inschrijven. Samen met Maria, zijn aanstaande vrouw, die zwanger was, reisde hij van de stad Nazaret in Galilea naar Judea, naar de stad van David die Betlehem heet, aangezien hij van David afstamde. Terwijl ze daar waren, brak de dag van haar bevalling aan, en ze bracht een zoon ter wereld, haar eerstgeborene. Ze wikkelde Hem in doeken en legde Hem in een voederbak, omdat er voor hen geen plaats was in het gastenverblijf. Niet ver daarvandaan brachten herders de nacht door in het veld, ze hielden de wacht bij hun kudde. Opeens stond er een engel van de Heer bij hen en werden ze omgeven door de stralende luister van de Heer, zodat ze hevig schrokken. De engel zei tegen hen: ‘Wees niet bang, want ik kom jullie goed nieuws brengen dat grote vreugde betekent voor heel het volk: vandaag is in de stad van David jullie redder geboren. Hij is de messias, de Heer. Dit zal voor jullie het teken zijn: jullie zullen een pasgeboren kind vinden dat in doeken gewikkeld in een voederbak ligt.’ En plotseling voegde zich bij de engel een groot hemels leger dat God prees met de woorden:
‘Eer aan God in de hoogste hemel en vrede op aarde voor de mensen die Hij liefheeft.’
Toen de engelen waren teruggegaan naar de hemel, zeiden de herders tegen elkaar: ‘Laten we naar Betlehem gaan om met eigen ogen te zien wat er gebeurd is en wat de Heer ons bekend heeft gemaakt.’ Ze gingen meteen op weg, en troffen Maria aan en Jozef en het kind dat in de voederbak lag. Toen ze het zagen, vertelden ze wat hun over het kind was gezegd. 18Allen die het hoorden stonden verbaasd over wat de herders tegen hen zeiden, maar Maria bewaarde al deze woorden in haar hart en bleef erover nadenken. 20De herders gingen terug, terwijl ze God loofden en prezen om alles wat ze gehoord en gezien hadden, precies zoals het hun was gezegd.

Zingen: “‘t Was nacht in Bethlems dreven” (Joh. de Heer 438) 1 en 2 Con Amore, 3 vrouwen, 4 mannen, 5 Con Amore, 6 allen.

1 ‘t Was nacht in Bethl’hems dreven,
een schone, stille nacht.
En trouwe herders bleven
bij hunne kudd’ op wacht.
En trouwe herders bleven
bij hunne kudd’ op wacht.

2 Zij hoopten saam, de vromen,
zij wachtten immer voort,
of Jacobs ster zou komen
naar ’t oud profetische woord,
of Jacobs ster zou komen
naar ’t oud profetische woord.

3 En ja, juist in die stonde,
in deze zelfde nacht
werd hun door eng’lenmonden
het blijde nieuws gebracht,
werd hun door eng’lenmonden
het blijde nieuws gebracht

4 De Heiland is gekomen
in Bethl’hems kleine stal,
Die voor miljoenen vromen
een Herder wezen zal,
Die voor miljoenen vromen
een Herder wezen zal.

5 Want d’ allerbeste Herder,
die toen op aard’ verscheen,
voert Zijne schaapjes verder
dan herders hier beneên,
voert Zijne schaapjes verder
dan herders hier beneên.

6 Hij wil Zijn kudde leiden,
zij ’t ook door leed of kruis,
naar d’ eeuwig groene weiden
van ’t hemels Vaderhuis,
naar d’ eeuwig groene weiden
van ’t hemels Vaderhuis.

Overdenking

Con Amore zingt “Still, Still, Still”.

Still, still, still, he sleeps so calm and still.
His mother’s tender arms enfolding,
warm and safe, the Child are holding.

Sleep, sleep, sleep, while we our watch will keep.
And angels come from heaven singing,
songs of jubilation bringing.

Strong, strong, strong, we pray that He be strong.
He has his heavenly throne forsaken
and his earthly path has taken.

Con Amore zingt: “Het licht is geboren”.

Het licht is geboren, hij kwam deze nacht.
Op wie al zolang in geloof is gewacht.
Profeten, zij zwegen ruim vierhonderd jaar,
maar nu klinkt het luid: uw Messias is daar!

Het licht is geboren, hij kwam in de tijd
die was en die zijn zal in eeuwigheid.
Zijn komst wordt door duizenden engelen bericht
aan herders, omstraald door het hemelse licht.

Het licht is geboren, Gods woorden zijn waar.
Vervuld, de belofte, na vierduizend jaar.
De wijzen aanbidden met wierook en goud.
Sta op tot de vreugde: in Hem is behoud!

Dankgebed, voorbeden, Onze Vader

Con Amore zingt: “In een wonderschone nacht” (Refrein allen)

In een wonderschone nacht,
toen alles lag te dromen,
is op aarde in een stal
het Kindeke gekomen.

Refrein: Gloria … Hosanna in de hoge.
Eng’len zongen in het veld
om ieder te doen horen.
Lof en eer zij onze God
voor ons opnieuw geboren.

Gloria … Hosanna in de hoge.

Here, wees Gij ons tot heil
en maak o Hemelkoning,
door Uw liefde en gena,
ons hart tot Uwe woning.

Gloria … Hosanna in de hoge.

Collecte

Slotzang: “Ere zij God”

Ere zij God, ere zij God
In de hoge, in de hoge, in de hoge
Vrede op aarde, vrede op aarde
In de mensen een welbehagen
Ere zij God in den hoge (2x)
Vrede op aarde, vrede op aarde (2x)
In den mensen, in den mensen, een welbehagen
In den mensen, een welbehagen, een welbehagen
Ere zij God, ere zij God
In den hoge, in den hoge, in den hoge
Vrede op aarde, vrede op aarde
In den mensen een welbehagen
Amen, amen.

Zegen.
Gezongen Amen


Orde van dienst 21 december 2025

Voorganger:                      ds. H.J. Prosman
Organist:                             Dhr. Marten Nap
Ouderling:                          Mevr. Nel Griffioen
Diaken:                               Dhr. J. Kalshoven

De diensten zijn te volgen via kerkdienst-gemist

https://kerkdienstgemist.nl/stations/2491-Nieuwkoop-HG

Orgelspel
Welkom en mededelingen
Zingen                                  lied 452:1,2,3
Stil Gebed
Votum en groet
Zingen                                  lied 437: 1, 2, 5
Smeekgebed
Zingen                                  lied 463:6,7,8
Moment met de kinderen
Gebed
Schriftlezing Johannes 1: 1-18
In het begin was het Woord, het Woord was bij God en het Woord was God. Het was in het begin bij God. Alles is erdoor ontstaan, zonder het Woord is niets ontstaan van wat bestaat. 4In het Woord was leven en het leven was het licht voor de mensen. Het licht schijnt in de duisternis en de duisternis heeft het niet in haar macht gekregen.
Er kwam iemand die door God was gezonden; hij heette Johannes. Hij kwam als getuige, om van het licht te getuigen, opdat iedereen door hem zou geloven. Hij was niet zelf het licht, maar hij was er om te getuigen van het licht: 9het ware licht, dat ieder mens verlicht en naar de wereld kwam. Het Woord was in de wereld, de wereld is door Hem ontstaan en toch kende de wereld Hem niet. Hij kwam naar wat van Hem was, maar wie van Hem waren hebben Hem niet ontvangen. Wie Hem wel ontvingen en in zijn naam geloven, heeft Hij het voorrecht gegeven om kinderen van God te worden. Zij zijn niet op natuurlijke wijze geboren, niet uit lichamelijk verlangen of uit de wil van een man, maar uit God.
Het Woord is mens geworden en heeft in ons midden gewoond, vol van genade en waarheid, en wij hebben zijn grootheid gezien, de grootheid van de enige Zoon van de Vader. Van Hem getuigde Johannes toen hij uitriep: ‘Hij is het over wie ik zei: “Die na mij komt is meer dan ik, want Hij was er vóór mij!”’ Uit zijn overvloed hebben wij allen opnieuw genade ontvangen: 17de wet is door Mozes gegeven, genade en waarheid zijn met Jezus Christus gekomen. Niemand heeft ooit God gezien, maar de enige Zoon, die zelf God is, die aan het hart van de Vader rust, heeft Hem doen kennen.

Johannes 8:12-20
Jezus nam opnieuw het woord. Hij zei: ‘Ik ben het licht voor de wereld. Wie Mij volgt loopt nooit meer in de duisternis, maar heeft licht dat leven geeft.’ De farizeeën wierpen tegen: ‘Uw getuigenis is niet betrouwbaar, want U getuigt over uzelf.’ Maar Jezus ging verder: ‘Ook al getuig Ik over mijzelf, toch is mijn getuigenis betrouwbaar, omdat Ik weet waar Ik vandaan gekomen ben en waar Ik naartoe ga. Maar u weet niet waar Ik vandaan kom of waar Ik naartoe ga. U oordeelt met menselijke maatstaven, maar Ik oordeel over niemand. En wanneer Ik toch een oordeel vel, is mijn oordeel betrouwbaar, omdat Ik niet alleen ben, maar samen met de Vader, die Mij gezonden heeft. In uw wet staat geschreven dat het getuigenis van twee mensen betrouwbaar is. Wel, Ik getuig over mijzelf, en de Vader, die Mij gezonden heeft, getuigt over Mij.’ Toen vroegen ze: ‘Waar is uw vader dan?’ ‘U kent noch Mij, noch mijn Vader,’ antwoordde Jezus. ‘Als u Mij zou kennen zou u mijn Vader ook kennen.’ Dit zei Hij in de schatkamer van de tempel, waar Hij onderricht gaf. Niemand greep Hem, want zijn tijd was nog niet gekomen.

Zingen                                  lied  213:1,2,5
Preek
Zingen                                  lied  4177:3
Geloofsbelijdenis
Zingen                                  lied 433:5
Dankgebed, voorbeden, Onze Vader
Collecte
Zingen                                  lied 482:1
Zegen
Gezongen Amen


Orde van dienst 14 december 2025 – 3e Advent

Voorganger:                      Pastor A. van Aarle, Langeraar
Organist:                            Dhr. Jan-Willem Hueting
Ouderling:                          Dhr. Robert Verhallen
Diaken:                               Dhr. Steven de Feij

De diensten zijn te volgen via kerkdienst-gemist

https://kerkdienstgemist.nl/stations/2491-Nieuwkoop-HG

Orgelspel
Welkom en mededelingen
Zingen                  Intochtslied Gezang 125, 1 en 3 LVDK (Oh kom oh kom Immanuel)
1             O kom, o kom, Immanuël,
                verlos uw volk, uw Israël,
                herstel het van ellende weer,
                zodat het looft uw naam, o Heer!
                Weest blij, weest blij, o Israël!
                Hij is nabij, Immanuël!

3             O kom, o kom, Gij Oriënt,
en maak uw licht alom bekend;
verjaag de nacht van nood en dood,
wij groeten reeds uw morgenrood.
Wees blij, weest blij, o Israël!
Hij is nabij, Immanuël!


Stil gebed
Votum en groet
Kyriegebed
Zingen                  Gezang 125,5 LVDK
5             O kom, die onze Heerser zijt,
                in wolk en vuur en majesteit.
                O Adonai die spreekt met macht,
                verbreek het duister van de nacht.
                Weest blij, weest blij, o Israël!
                Hij is nabij, Immanuël!

Gebed bij de opening van het Woord

( Kinderen gaan naar nevendienst in morgendienst)
Schriftlezingen
1 Tessalonicenzen 3:12-4:2
3:12Moge de Heer uw liefde voor elkaar en ieder ander groter maken, zodat uw liefde even overvloedig wordt als onze liefde voor u. 13Moge de Heer u door die liefde kracht geven, zodat u zuiver en heilig voor onze God en Vader zult staan wanneer onze Heer Jezus komt met al zijn heiligen. Amen.
4:1Broeders en zusters, in de naam van de Heer Jezus vragen we u met klem te leven zoals wij het u hebben geleerd, dus zo dat het God behaagt. U doet dat al, maar wij sporen u aan het nog veel meer te doen. 2U kent de voorschriften die wij u op gezag van de Heer Jezus hebben gegeven.

Lucas 3:1-6
Optreden van Johannes
1In het vijftiende jaar van de regering van keizer Tiberius, toen Pontius Pilatus Judea bestuurde, en Herodes tetrarch was over Galilea, zijn broer Filippus over het gebied van Iturea en Trachonitis, en Lysanias over Abilene, 2en toen Annas en Kajafas hogepriester waren, richtte God zich in de woestijn tot Johannes, de zoon van Zacharias. 3Daar ging Johannes in de omgeving van de Jordaan verkondigen dat de mensen zich moesten laten dopen en tot inkeer moesten komen, om vergeving van zonden te krijgen, 4zoals geschreven staat in het boek met de uitspraken van de profeet Jesaja:
‘Een stem roept in de woestijn:
“Maak de weg van de Heer gereed,
maak recht zijn paden!
5Iedere kloof zal worden gedicht,
elke berg en heuvel geslecht,
kromme wegen recht gemaakt,
hobbelige wegen geëffend;

Zingen:                                Lied: 452 (Als tussen licht en donker)

Uitleg en prediking

( Kinderen komen terug in de kerk, de lamp wordt op zijn plaats gezet )
Meditatief orgelspel

Zingen:                                Lied 444 (Nu daagt het in het Oosten)
Geloofsbelijdenis            Lied 340B           
Dankgebed en voorbede
Collecte
Slotlied.:                              437, 1, 3 en 5 (kom tot ons, scheur de hemelen)
Heenzending en zegen
Gezongen Amen

Orde van dienst 9 november 2025

Voorganger:                      ds. H.J. Prosman
Organist:                             Dhr. Jan Willem Hueting
Ouderling:                          Mevr. Nel Griffioen
Diaken:                               Dhr. J. Kalshoven

De diensten zijn te volgen via kerkdienst-gemist

https://kerkdienstgemist.nl/stations/2491-Nieuwkoop-HG

Orgelspel
Welkom en mededelingen
Zingen                                  Psalm 17:4 (Oude Berijming)

Maak Uwe weldaân wonderbaar,
Gij, die Uw kind’ren wilt behoeden
Voor ’s vijands macht en vrees’lijk woeden,
En hen beschermt in ’t grootst gevaar.
Wil mij Uw bijstand niet onttrekken;
Uw zorg bewaak’ mij van omhoog;
Bewaar m’ als d’ appel van het oog;
Wil mij met Uwe vleuglen dekken.

 Bemoediging en groet 

Zingen                                  lied 712:1,2,3,4
Schuldbelijdenis
Zingen                                  859:1
Genadeverkondiging
Zingen                                  lied 859:4
Gebed
Schriftlezing: Daniël 12:1-13

1In die tijd zal Michaël opstaan, de grote vorst, die de kinderen van je volk terzijde staat. Het zal een tijd van verdrukking zijn, zoals er niet geweest is sinds er volken bestaan. In die tijd zal je volk worden gered: allen die in het boek zijn opgetekend. 2Velen van hen die slapen in de aarde, in het stof, zullen ontwaken, sommigen om eeuwig te leven, anderen om voor eeuwig te worden veracht en verafschuwd. 3De verlichten zullen stralen als het fonkelende hemelgewelf, en degenen die velen tot gerechtigheid hebben gebracht als de sterren, voor eeuwig en altijd. 4Maar houd deze woorden geheim, Daniël, en verzegel het boek tot de eindtijd. Velen zullen op zoek gaan en de kennis zal toenemen.’
5Toen zag ik, Daniël, twee anderen staan, de ene aan deze oever van de rivier, de andere aan de overkant. 6Een van hen zei tegen de in linnen geklede man die zich boven het water van de rivier bevond: ‘Hoe lang duurt het voordat deze wonderbaarlijke gebeurtenissen ten einde zijn?’ 7Daarop hoorde ik de in linnen geklede man die zich boven het water van de rivier bevond spreken. Hij hief beide handen op naar de hemel en zwoer bij de eeuwig Levende: ‘Eén tijd, een dubbele en een halve tijd: wanneer de macht van het heilige volk niet langer verbrijzeld zal worden, dan zullen al deze dingen zich hebben voltrokken.’ 8Ik hoorde het, maar begreep het niet en zei: ‘Mijn heer, hoe zal dit alles aflopen?’ 9Maar hij zei: ‘Ga heen, Daniël, want deze dingen blijven verborgen en verzegeld tot de eindtijd. 10Velen zullen zich laten reinigen, zuiveren en louteren, maar de wettelozen zullen wetteloos handelen; en geen van de wettelozen zal het begrijpen, maar de verlichten zullen het wel begrijpen. 11En vanaf het moment dat het dagelijks offer wordt afgeschaft en een verwoesting brengend afgodsbeeld is opgericht, zullen er twaalfhonderdnegentig dagen verstrijken. 12Gelukkig is de mens die blijft wachten tot er dertienhonderdvijfendertig dagen voorbij zijn. 13Maar jij, ga het einde tegemoet. Je zult te ruste gaan en aan het einde van de dagen opstaan om het lot te ontvangen dat jou is toebedeeld.’

Zingen                                  lied 864:1,4

Preek
Zingen: ‘Genade, zo oneindig groot’

 Genade, zo oneindig groot.
Dat ik, die ’t niet verdien
het leven vond, want ik was dood
en blind, maar nu kan ‘k zien.

Genade die mij heeft geleerd
te vrezen voor het kwaad.
Maar ook – als ik mij tot Hem keer
dat God mij nooit verlaat.

 Want Jezus droeg mijn zondelast
en tranen aan het kruis.
Hij houdt mij door genade vast
en brengt mij veilig thuis.

 Als ik daar in zijn heerlijkheid
mag stralen als de zon,
dan prijs ik Hem in eeuwigheid
Dat ik genade vond.
dan prijs ik Hem in eeuwigheid
Dat ik genade vond.

 Geloofsbelijdenis (340b)
Dankgebed, voorbeden, Onze Vader
Collecte 
Slotlied                                Psalm 98:3                         
Zegen
Gezongen Amen


Orde van dienst 5 november 2025 – dankdag voor gewas en arbeid

Voorganger:                      ds. H.J. Prosman
Organist:                             Dhr. A. van Pelt
Ouderling:                          Dhr R. Verhallen             
Diaken:                               Dhr. S. de Feij   

De diensten zijn te volgen via kerkdienst-gemist

https://kerkdienstgemist.nl/stations/2491-Nieuwkoop-HG

Orgelspel
Welkom en mededelingen
Zingen                                  psalm 146:1,3
Bemoediging en groet
Zingen                                  lied 246b: 1,3,4
Gebed
Schriftlezing Prediker 5: 7-18

Wees niet verbaasd als er geen eerlijke mensen meer in het land zijn. En als je ziet dat arme mensen onderdrukt worden. Want mensen met macht worden vaak beschermd door mensen met meer macht. En zij worden weer beschermd door mensen die nog machtiger zijn. Maar een koning moet ook de armen beschermen. Hij moet ervoor zorgen dat er op de akkers genoeg groeit voor iedereen.
Wie graag rijk wil zijn, heeft nooit genoeg. Wie veel heeft, wil steeds meer hebben. Ook dat is allemaal zinloos. Als iemand rijk wordt, willen steeds meer mensen iets van hem hebben. En degene die rijk is, kan alleen maar toekijken. Hij heeft niets meer aan zijn bezit.
Een arbeider slaapt altijd goed. Of hij nu veel of weinig te eten heeft. Maar een rijke heeft zo veel bezit dat hij niet kan slapen.
Ik heb nog meer treurige dingen gezien op aarde. Iemand lette steeds goed op zijn geld, om het niet kwijt te raken. Maar door een ramp gebeurde dat toch. Er bleef toen niets meer over voor zijn zoon.
Zo iemand is naakt geboren, zonder bezit. En als hij doodgaat, kan hij niets meenemen. Alles waarvoor hij hard gewerkt heeft, moet hij achterlaten.
Dat is een treurige zaak. Zoals iemand geboren is, zo gaat hij ook dood. Wat heb je er dan aan om zo hard te werken? 16Je hele leven ben je somber en verdrietig. Je bestaan is vol ellende, ziekte en boosheid.
Daarom denk ik dat het voor een mens het beste is om te genieten. Ook al duurt het leven dat God hem geeft, maar kort. Laat hij maar eten en drinken. Laat hij maar genieten van alles wat hij bezit. Hij heeft er altijd hard voor gewerkt.
God geeft je misschien rijkdom en bezit. En hij zorgt ervoor dat je kunt genieten van alles wat je hebt. Je hebt er hard voor gewerkt, en het is een geschenk van God. Dan vind je het niet erg dat je leven maar kort is. Want God laat je elke dag van het leven genieten.

Zingen                                  lied 978:1,2,3,4
Preek
zingen                                  lied 981:1,2,3,4,5 (Traditionele melodie)
Dankgebed, voorbeden, Onze Vader
Inzameling van de gaven
zingen                                  Gezang 470: 1,3 (LvdK)

Wat vlied’ of bezwijk’ getrouw is mijn God.
Hij blijft aan mijn zij in ’t wisselend lot’.
Moog ’t hart soms ook sidd’ren,
in ‘t heetst van de strijd,
zijn liefd’ en ontferming vertroosten m’altijd.

Als God mij vertroost, is ’t kruis niet te zwaar
Ik roem in mijn God, ik juich in zijn trouw,
de rots mijner ziel, waar ‘k eeuwig op bouw.
Ik zal hem nog prijzen in ’t uur van mijn dood,
dan rijst nog mijn loflied: ‘Zijn goedheid is groot!’

Zegen
Gezongen Amen


Orde van dienst 2 november 2025

Voorganger:                ds. H.J. Prosman
Organist:                     Dhr. Ad van Pelt 
Ouderling:                   Mevr. A. Rietveld
Diaken:                        Dhr. J. Kalshoven

De diensten zijn te volgen via kerkdienst-gemist

https://kerkdienstgemist.nl/stations/2491-Nieuwkoop-HG

Welkom en mededelingen

Lied 632a: 1,3

Dit is de dag die de Heer heeft gemaakt en gegeven.
Laat ons Hem loven en danken, verheugd dat wij leven.
Diep in de nacht heeft Hij verlossing gebracht.
Heeft Hij ons licht aangeheven.

Nu zend uw Geest, als een vuur, als een stem in ons midden.
Dat wij van harte elkander verstaan en beminnen.
En zo voortaan eren Gods heilige Naam.
En Hem in waarheid aanbidden.

Bemoediging en groet

Lied 288:1,2

Goedemorgen, welkom allemaal
Ik met mijn en jij met jouw verhaal
Lachen, huilen, vrolijkheid en pijn,
alles mag er zijn.

God, ik vraag U, kom in onze kring,
wees erbij wanneer ik bid en zing.
Ik met mijn en U met Uw verhaal,
verteld in mensentaal.

Gebed

Het verhaal van Jozef

Lied 166B: 1,2

1 Jozef zoekt zijn grote broers,
alle tien zijn ze jaloers,
op zijn jas en op zijn dromen,
als ze Jozef aan zien komen,
wordt zijn mantel afgerukt.
Diep zit Jozef in de put.

2 Met een slavenkaravaan
moet hij naar Egypte gaan.
Alle dromen zijn vergeten,
heel veel kwaad wordt hem verweten.
Jozef die onschuldig is
komt in de gevangenis.

Schriftlezing: Genesis 37:12-25
Op een keer waren de broers van Jozef met de schapen en de geiten naar de stad Sichem gegaan. Toen zei Jakob tegen Jozef: ‘Je broers zijn met de kudde naar Sichem. Ga eens naar hen toe en vraag hoe het met hen gaat. Kijk ook of het goed gaat met de dieren. En kom dat dan aan mij vertellen.’ Jozef zei: ‘Dat is goed.’ (…)
De broers zagen Jozef al in de verte aankomen. Voordat hij bij hen was, bedachten ze een plan om hem te doden. Ze zeiden tegen elkaar: ‘Kijk, daar heb je die dromer! Kom, laten we hem vermoorden en in een put gooien. Dan zeggen we dat hij opgegeten is door een roofdier. Dan zullen we wel eens zien of zijn dromen uitkomen!’ Toen Ruben dat hoorde, zei hij: ‘Nee, laten we hem niet doodslaan. Een moord is niet nodig. Gooi hem in één van de putten hier in de woestijn, maar vermoord hem niet.’ Ruben was van plan om Jozef te redden en om hem terug te brengen naar zijn vader.Toen Jozef bij zijn broers kwam, grepen ze hem vast. Ze trokken zijn mooie gekleurde jas uit en ze gooiden hem in een put. Het was een waterput, maar er stond geen water in. Daarna gingen ze zitten eten.

Zingen: Jozef had een jas

Preek

Zingen: Lied 1005

1 Zoekend naar licht hier in het duister,
zoeken wij U, waarheid en kracht.
Maak ons uw volk, heilig, vol luister,
schijn in de donkere nacht.

Refrein
Christus, ons licht,
schijn ook vandaag, hier in uw huis.

2 Zoekend naar rust zijn wij vol zorgen,
zoekend naar hoop, troost in uw woord.
Spreek door ons heen tot de verdrukten,
zo wordt uw stem gehoord.

Refrein
Christus, ons licht,
schijn ook vandaag, hier in uw huis.

5 Met zoveel gaven aan ons gegeven,
voor zoveel leed, zoveel gemis.
Maak ons tot dienaars, leer ons te delen,
totdat uw rijk hier is.

Refrein
Christus, ons licht,
schijn ook vandaag, hier in uw huis.

De ZWO-Commissie vertelt over het project Moldavië

Voorbeden en Onze Vader

Collecte

Slotlied ‘De Here zegent jou’
De Here zegent jou
en Hij beschermt jou
Hij schijnt Zijn licht over jouw leven
Hij zal genadig zijn
en heel dicht bij je zijn
Hij zal Zijn vrede aan je geven (2)

De Here zegent u
en Hij beschermt u
Hij schijnt Zijn licht over uw leven
Hij zal genadig zijn
en heel dicht bij u zijn
Hij zal Zijn vrede aan u geven
Hij zal Zijn vrede aan u geven

Zegen

Orde van dienst 26 oktober 2025

Voorganger:                      dhr. R.W. Baas
Organist:                             Dhr. Ad v Pelt
Ouderling:                          Mevr. Nel Griffioen
Diaken:                               Dhr. Steven de Feij

De diensten zijn te volgen via kerkdienst-gemist

https://kerkdienstgemist.nl/stations/2491-Nieuwkoop-HG

Orgelspel
Welkom en mededelingen

Intochtslied       Gezang 434 uit Liedboek voor de kerken vers 1,2, 5

1 Lof zij de Heer’, de almachtige Koning der ere.
Laat ons naar hartelust zingen en blij musiceren.
Komt allen saam,
psalmzingt de Heilige Naam,
looft al wat ademt de Heere.

2 Lof zij de Heer’, Hij omringt met Zijn liefde uw leven;
eeft u in ’t licht als op adelaarsvleug’len geheven.
Hij die u leidt,
zodat uw hart zich verblijdt,
Hij heeft Zijn woord u gegeven.

5 Lof zij de Heer’ met de heerlijkste Naam van Zijn Namen,
christenen looft Hem met Abrahams kinderen samen.
Hart wees gerust,
Hij is uw licht en uw lust.
Alles wat ademt zegt: Amen.

Stil gebed
Votum en Groet
Zingen                                  Psalm  105   vers  1  en  3
Verootmoediging/ geboden
Zingen                                  Lied   886   ABBA Vader, U alleen   (beide coupletten)
Gebed bij de opening van het Woord
( Kinderen gaan naar nevendienst)

Schriftlezing(en)   2 KRONIEKEN 20 : 1-30   uit  Herziene Staten vertaling
Josafat in nood

1Hierna gebeurde het dat de Moabieten en de Ammonieten, en met hen een deel van de Meünieten, ten strijde trokken tegen Josafat. 2Toen kwam men Josafat de boodschap brengen: Er komt een grote troepenmacht op u af van de overkant van de zee, uit Syrië, en zie, zij zijn bij Hazezon-Thamar. (Dat is Engedi.) 3Josafat werd bevreesd en hij richtte zich erop om de HEERE te zoeken. Hij riep een vasten uit in heel Juda. 4En Juda werd bijeengeroepen om bij de HEERE hulp te zoeken. Zij kwamen zelfs uit alle steden van Juda om de HEERE te raadplegen. 5Toen ging Josafat tussen de gemeente van Juda en Jeruzalem staan, in het huis van de HEERE, vóór de nieuwe voorhof, 6en zei: HEERE, God van onze vaderen, bent U niet die God Die in de hemel is? Ja, U bent de Heerser over alle koninkrijken van de heidenvolken. In Uw hand is kracht en sterkte, zodat niemand tegen U kan standhouden. 7Hebt U, onze God, niet de inwoners van dit land van voor de ogen van Uw volk Israël verdreven, en dat voor eeuwig aan het nageslacht van Abraham, die U liefhad, gegeven? 8Zij zijn daarin gaan wonen en hebben daar voor U een heiligdom gebouwd, voor Uw Naam, en gezegd: 9Als ons enig onheil overkomt, het zwaard van het gericht, de pest of een hongersnood, zullen wij voor dit huis en voor Uw aangezicht staan, omdat Uw Naam in dit huis is. Wij zullen uit onze benauwdheid tot U roepen, en U zult verhoren en verlossen. 10Welnu, zie de Ammonieten, Moab en de bewoners van het Seïrgebergte, tegen wie U Israël niet toestond op te trekken toen zij uit het land Egypte kwamen. Daarom trokken zij bij hen vandaan en vaagden hen niet weg, 11en zie, zij vergelden het ons, door ons te komen verdrijven uit Uw bezit dat U ons in bezit hebt gegeven. 12Onze God, zult U geen gericht over hen oefenen? In ons is immers geen kracht tegen deze grote troepenmacht die op ons af komt, en wij weten niet, wat wij moeten doen, maar op U zijn onze ogen gericht. 13Heel Juda stond voor het aangezicht van de HEERE, ook hun kleine kinderen, hun vrouwen en hun zonen. 14Toen kwam de Geest van de HEERE in het midden van de gemeente op Jahaziël, de zoon van Zecharja, de zoon van Benaja, de zoon van Jeïel, de zoon van Mattanja, de Leviet, uit de zonen van Asaf, 15en hij zei: Sla er acht op, heel Juda, inwoners van Jeruzalem, en u, koning Josafat! Zo zegt de HEERE tegen u: Weest u niet bevreesd en wees niet ontsteld vanwege deze grote troepenmacht, want niet aan u is de strijd, maar aan God. 16Ga morgen op hen af. Zie, zij trekken nu over de pas van Ziz. U zult hen aantreffen aan het einde van het dal, vóór de woestijn van Jeruel. 17Het is niet aan u in deze oorlog te strijden. Stel uzelf op, blijf staan en zie het heil van de HEERE dat met u is, Juda en Jeruzalem. Wees niet bevreesd en wees niet ontsteld. Trek morgen tegen hen op, want de HEERE zal met u zijn. 18Toen boog Josafat zich met het gezicht ter aarde, en heel Juda en de inwoners van Jeruzalem vielen voor het aangezicht van de HEERE neer en bogen zich neer voor de HEERE. 19En de Levieten van de nakomelingen van de Kahathieten, en van de nakomelingen van de Korachieten, stonden op om de HEERE, de God van Israël, met luide stem ten hoogste te prijzen.
De overwinning dankzij God
20De volgende morgen stonden zij vroeg op, en vertrokken naar de woestijn van Tekoa. Toen zij vertrokken, bleef Josafat staan en zei: Luister naar mij, Juda, en u, inwoners van Jeruzalem. Vertrouw op de HEERE, uw God, dan zult u standhouden. Vertrouw op Zijn profeten, dan zult u voorspoedig zijn. 21Hij pleegde overleg met het volk en stelde voor de HEERE zangers aan en mensen die de heilige Majesteit prijzen zouden, terwijl zij voor de gewapende mannen uit trokken en zeiden:
Loof de HEERE, want Zijn goedertierenheid is voor eeuwig!
22Juist op de tijd dat zij met gejuich en lofzang begonnen, legde de HEERE hinderlagen tegen de Ammonieten, Moab en de bewoners van het Seïrgebergte die op Juda waren afgekomen, en zij werden verslagen. 23De Ammonieten en Moab vielen namelijk de bewoners van het Seïrgebergte aan door hen met de ban te slaan en hen weg te vagen. Zodra zij de bewoners van Seïr hadden vernietigd, hielpen zij elkaar in het verderf. 24Toen Juda bij het uitkijkpunt in de woestijn gekomen was, keerden zij zich naar de troepenmacht. En zie, het waren dode lichamen, ter aarde neergevallen, en niemand was ontkomen. 25Toen Josafat en zijn volk aankwamen om hun buit te roven, troffen zij een grote hoeveelheid lastdieren, bezittingen, kleding en kostbare voorwerpen bij hen aan, en zij plunderden voor zichzelf zoveel, dat zij het niet meer dragen konden. Drie dagen lang roofden zij de buit, zo groot was die. 26Op de vierde dag kwamen zij bijeen in Emek-Beracha. Omdat zij daar de HEERE loofden, gaven zij deze plaats de naam Emek-Beracha. Tot op deze dag heet die zo. 27Toen keerden alle mannen van Juda en Jeruzalem om, met Josafat aan het hoofd van hen, om met blijdschap naar Jeruzalem terug te keren, want de HEERE had hen verblijd over hun vijanden. 28Zij kwamen in Jeruzalem aan met luiten, met harpen en met trompetten, en gingen naar het huis van de HEERE. 29Grote vrees voor God kwam over alle koninkrijken van de landen, toen zij hoorden dat de HEERE tegen de vijanden van Israël gestreden had, 30en het koninkrijk van Josafat had rust, want zijn God gaf hem rust van rondom.

Zingen                                                  Psalm   136   vers   1,2   en  11   en  13
Uitleg en prediking
Meditatief orgelspel
( Kinderen komen terug in de kerk)

Z

Zingen            Psalm  56   vers   5 en 6   (oude berijming)
vers 5
Ik roem in God; ik prijs ’t onfeilbaar woord;
Ik heb het zelf uit Zijnen mond gehoord;
‘k Vertrouw op God, door gene vrees gestoord;
Wat sterv’ling zou mij schenden?
Ik heb beloofd, wanneer G’ in mijn ellenden
Mij bijstand boodt, en ’t onheil af zoudt wenden,
Tot U, o God, mijn lofzang op te zenden,
Door ijver aangespoord.

 vers 6
Gij hebt mijn ziel beveiligd voor den dood;
Gij richt mijn voet, dat hij zich nimmer stoot’;
Gij zijt voor mij een schild in allen nood;
Gij hebt mijn smart verdreven;
Uw dierb’re gunst is m’ altoos bijgebleven;
‘k Zal, voor Gods oog, naar Zijn bevelen leven;
Zo word’ door mij Zijn naam altoos verheven;
Zo word’ Zijn lof vergroot

Geloofsbelijdenis ( staande: gelezen )
Dankgebed en voorbede
Collecte
Slotlied.  uit oude gezangen bundel 1938   Gezang  97  vers  1  en 2   ( Een vaste burcht…..)

Een vaste burcht is onze God,
een toevlucht en een toren!
Zijn macht bevrijdt van’t bange lot,
dat ons nu is beschoren.
De vijand rukt vast aan
met opgestoken vaan;
hij draagt zijn rusting nog
van gruwel en bedrog,
maar zal als kaf verdwijnen!


Met onze macht is’t niets gedaan:
wij zijn alras verloren
Maar d’  een’ge , die ons bij kan staan,
God heeft Hem ons verkoren.
Vraagt gij zijn naam, zo weet,
dat Hij de Christus heet,
Der legerscharen Heer
is onze tegenweer;
Hem blijft aan’t eind de zege


Heenzending en zegen
Gezongen Amen